Almeerders Veroordeeld voor Handel in Lachgas: Rechtbank spreekt van 'Dealerhoeveelheden'

Twee Almeerders zijn veroordeeld tot taakstraffen en voorwaardelijke celstraffen voor het bezit van 634 kilo lachgas. De rechtbank benadrukt de ernst van de zaak, die ver boven de richtlijnen voor recreatief gebruik uitstijgt.

Gepubliceerd 2607313

DelenInstagram

Almeerders Veroordeeld voor Handel in Lachgas: Rechtbank spreekt van 'Dealerhoeveelheden'

De rechtbank heeft twee Almeerders van 23 en 25 jaar oud veroordeeld voor het bezit van een aanzienlijke hoeveelheid lachgas, in totaal 634 kilo. Beide mannen zijn veroordeeld tot een taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden. Deze uitspraak onderstreept de serieuze aanpak van de illegale handel in lachgas, een ontwikkeling die direct van invloed is op de veiligheid en leefbaarheid in onze Flevolandse gemeenschappen. De zaak kwam aan het licht op 22 augustus 2025 in Almere, nadat de politie een melding ontving over een voertuig dat mogelijk betrokken was bij lachgasactiviteiten. Agenten observeerden hoe de twee mannen dozen van de ene auto naar de andere verplaatsten. Bij het zien van de politie keken de verdachten elkaar aan en sloegen op de vlucht. In beide auto's werden vervolgens lachgascilinders aangetroffen, samen met ballonnen die gebruikt worden voor inname en vuilniszakken die vermoedelijk dienden om de inhoud af te schermen. Ook werd een iPhone gevonden met daarop informatie over lachgas richting Amsterdam, wat de verdenking van handel versterkte. Tijdens de zitting verdedigde de advocaat van de 23-jarige Almeerder dat haar cliënt enkel verantwoordelijk kon worden gehouden voor de vijftien cilinders (ongeveer 30 kilo) in zijn eigen auto, gekocht voor een feestje en zonder kennis van de strafbaarheid. Het Openbaar Ministerie stelde echter dat beide verdachten verantwoordelijk zijn voor de volledige hoeveelheid, omdat zij zich beiden bij de busjes bevonden en over de middelen konden beschikken. Het OM benadrukte dat lachgas niet voor niets onder de Opiumwet is geplaatst en dat de handel ervan de illegale markt in stand houdt. De rechter volgde het standpunt van het Openbaar Ministerie en oordeelde dat het verhaal van de 23-jarige Almeerder 'wat te kort door de bocht' was. De rechtbank achtte beide mannen verantwoordelijk voor de totale hoeveelheid van 634 kilo lachgas. Hierbij werd expliciet opgemerkt dat de richtlijnen van het Openbaar Ministerie stoppen bij 40 kilo lachgas, wat betekent dat 634 kilo 'wel over dealerhoeveelheden' spreekt. Sinds 1 januari 2023 valt lachgas voor recreatief gebruik onder de Opiumwet, wat bezit, verkopen, vervoeren en maken verbiedt. Medisch, technisch en horecagebruik blijft wel toegestaan. Deze uitspraak in Almere zendt een duidelijk signaal uit naar de regio Flevoland: de handel in en het bezit van grote hoeveelheden lachgas voor recreatief gebruik wordt serieus genomen en streng bestraft. Het toont de vastberadenheid van justitie om de veiligheid en gezondheid van onze inwoners te beschermen. Voor 'Flevoland Vooruit' betekent dit een stap in de richting van een veiligere provincie, waar illegale praktijken actief worden aangepakt en de gemeenschap wordt beschermd tegen de schadelijke gevolgen van dergelijke handel.