Droogte in Flevoland: Vroege Oogst en Hoop op 'Gouden Jaar' voor Akkerbouwers

De aanhoudende droogte in Flevoland versnelt de tarweoogst met weken. Hoewel de opbrengst lager is, hopen akkerbouwers op stijgende prijzen door schaarste, wat mogelijk een 'gouden jaar' kan opleveren na een moeilijk seizoen.

Gepubliceerd 2607228

DelenInstagram

Droogte in Flevoland: Vroege Oogst en Hoop op 'Gouden Jaar' voor Akkerbouwers

De Flevolandse akkers tonen een ongewoon beeld: combines trekken stofwolken over het land, terwijl de tarwe al wordt geoogst. Dit gebeurt twee tot drie weken eerder dan in de afgelopen decennia, een direct gevolg van de aanhoudende droogte die de rijping van de gewassen versnelt. Deze vroege oogst brengt een paradoxale situatie met zich mee voor de akkerbouwers in onze provincie: hoewel de opbrengst naar verwachting lager zal zijn, kan de resulterende schaarste de prijzen juist opdrijven, wat mogelijk uitzicht biedt op een financieel gunstig jaar. Akkerbouwer Kilian Roelofs uit Lelystad, die de laatste meters tarwe van zijn land haalt, merkt de gevolgen van de droogte direct. Hij rekent op een opbrengst die ongeveer tien procent lager uitvalt dan normaal. Roelofs legt uit: “De rijping van de tarwe, het laatste gedeelte van het groeistadium, is behoorlijk droog geweest en dat merken we ook wel. De korrel is kleiner, dus de opbrengst is iets lager.” Ondanks deze terugval is hij niet ontevreden: “Maar we mogen niet klagen. We zitten rond de tien ton per hectare, dus dat is wel prima.” Voor andere gewassen, zoals aardappelen en uien, die nog veel gevoeliger zijn voor droogte, is de situatie zorgelijker. Blijft de regen uit, dan zal de oogst van deze gewassen verder teruglopen. Echter, juist deze verwachte schaarste kan leiden tot betere prijzen, een welkome ontwikkeling voor veel akkerbouwers na een vorig jaar met bijzonder lage, soms zelfs nul, prijzen voor aardappelen. De huidige droge zomer roept bij Cees Rademaker, die in 1972 de jongste akkerbouwer van Flevoland was en nu met pensioen is, herinneringen op aan vervlogen tijden. Vanaf de rand van een akker die ooit zijn buurlanderij was, ziet hij de geschiedenis zich bijna herhalen. “Dit doet mij vreselijk denken aan 1976,” zegt Rademaker, “Wij waren net in deze polder begonnen in 1972. Toen kregen we in 1976 ook een heel droog jaar en achteraf een gouden jaar.” Volgens Rademaker werkt schaarste in het voordeel van de boer, zeker als de droogte niet beperkt blijft tot Nederland. “Als dat in heel Europa gebeurt, dan hebben ze overal tekorten. Dan moet de frietindustrie, maar ook de handel in aardappels op gang komen. En als ze het niet uit Frankrijk en in België kunnen halen, dan komen ze het kleine beetje hier halen. Dat is dan heel goed.” Ondanks de potentiële financiële voordelen hoopt akkerbouwer Roelofs vooral op regen. Beregenen is namelijk lang niet overal een afdoende oplossing; op sommige plekken in Flevoland is het grondwater te zout. Bovendien kan beregenen onder de huidige omstandigheden, met hoge temperaturen en felle zon, het gewas juist schade toebrengen. Of de droge zomer daadwerkelijk uitmondt in een ‘gouden jaar’ voor de Flevolandse akkerbouw, zal de komende maanden moeten blijken. En of consumenten dit uiteindelijk terugzien in de prijs van aardappelen of andere producten in de supermarkt, is voorlopig nog afwachten. Flevoland Vooruit blijft de ontwikkelingen in deze cruciale sector nauwgezet volgen, met oog voor zowel de uitdagingen als de veerkracht van onze boeren.