Wegenbelasting Flevoland blijft gelijk ondanks tekort

Ondanks een tekort op de begroting voor wegen en mobiliteit, verhoogt Flevoland de motorrijtuigenbelasting niet. Er wordt bezuinigd op projecten.

Gepubliceerd 26051449

DelenInstagram

Wegenbelasting Flevoland blijft gelijk ondanks tekort

Ondanks een aanzienlijk tekort van 80 miljoen euro op het programma Ruimte en Mobiliteit, heeft de provincie Flevoland besloten om de motorrijtuigenbelasting voor haar inwoners niet te verhogen. Dit tekort, dat oploopt tot 300 miljoen euro, is voornamelijk te wijten aan kostenoverschrijdingen bij grote projecten zoals de nieuwe rondweg bij Lelystad Zuid, de Spuiweg bij Urk en de busbaan naar Lelystad Airport. Gedeputeerde Ellentrees Müller maakte dit besluit woensdagavond bekend in een commissievergadering, nadat D66 een verhoging had geopperd, mogelijk geïnspireerd door de stijgende wegenbelasting in Overijssel. De provincie kiest voor een andere aanpak om het financiële gat te dichten. Door bijdragen van het Rijk en gemeenten wordt al 17 miljoen euro bespaard. De overige 48 miljoen euro moet worden gevonden in "versobering" van projecten. Een opvallend voorbeeld is de busbaan naar Lelystad Airport, die in plaats van 54 miljoen euro nu voor slechts 16 miljoen euro wordt gerealiseerd, voornamelijk door gebruik te maken van bestaande wegen. Ook wordt afgezien van gescheiden rijbanen op de Markerwaarddijk, waar in plaats van 60 miljoen euro slechts 10 miljoen euro wordt geïnvesteerd, in combinatie met een verlaging van de maximumsnelheid naar 80 kilometer per uur. Daarnaast wordt er vijf miljoen euro bespaard op het budget voor smart mobility en andere vernieuwingen. Gedeputeerde Müller benadrukt dat er ondanks de bezuinigingen geïnvesteerd moet blijven worden in de mobiliteitstransitie. "We kunnen niet alle provinciale wegen vierbaans maken, we moeten iets doen om mensen te stimuleren om alternatieve vervoersvormen voor de auto te gebruiken." Daarom stelt het college voor om 14 miljoen euro te investeren in projecten voor autodelen, verkeersmanagement, alternatieve brandstoffen en hoogwaardige fietsroutes. Dit stuit echter op weerstand bij partijen zoals BBB, Forum voor Democratie, JA21, SterkLokaalFlevoland en PVV, die de prioriteit willen blijven geven aan de auto en bestaande afspraken over nieuwe wegen willen handhaven. Zij stellen dat investeringen in alternatieve brandstoffen en slimme mobiliteit door het bedrijfsleven kunnen worden gedaan. CDA, D66, VVD, PRO en ChristenUnie vinden de investering in nieuwe mobiliteit wel de moeite waard. Ondanks de gevonden oplossing voor de korte termijn, uiten verschillende partijen hun zorgen over de structurele problemen. De SGP noemt het een "tijdelijke oplossing voor een structureel probleem" en de BBB vraagt zich af of er al gesprekken zijn met het Rijk over de lange termijn. D66 pleit voor een structurele oplossing en stelde daarom de verhoging van de motorrijtuigenbelasting voor. Gedeputeerde Müller erkent dat de Provinciale Staten een "keuze uit schaarste" krijgen voorgelegd en dat er een structurele oplossing nodig is om te voorkomen dat dezelfde discussie over vier jaar opnieuw gevoerd moet worden. Ze wil lobbyen bij het Rijk en andere provincies over het provinciefonds, maar erkent dat ook zij met tekorten kampen. Müller sluit niet uit dat de provincie de rem zet op eerdere afspraken over de tienduizenden extra woningen in Flevoland als de bereikbaarheid niet gegarandeerd kan worden, zoals in de discussie over Almere Pampus. Provinciale Staten nemen in juli een besluit over de extra gelden voor wegen en mobiliteit.